Loading..
Processing... Please wait...

Product was successfully added to your shopping cart.



2017 Pintax cvba. All Rights reserved.
 
0 item(s) - €0.00

Recently added item(s)

You have no items in your shopping cart.

Peter Van Coppenolle

Ongelukken komen nooit alleen. In Moeder, waar om verarmen wij? werd het economisch ''wetenschappelijk'' beleid ontleed. Verarming (op het vermogens- of financiële vlak) is een complex probleem met meer dan één oorzaak, dat hoeft weinig betoog. Dit stuk belicht de dieperliggende en wijsgerige grondoorzaak van verarming. Hieronder volgt een betoog met bewijsvoering dat intellectuele en spirituele verarming aan de grondslag liggen van financiële verarming. Een veelheid van ad hoc financiële oorzaken komt daar bovenop, maar zijn niet relevant ten gronde.

Het verschil tussen kennis en wetenschap?

Verscheidene bronnen geven elk hun visie over de oorzaken van verarming. Verarming wordt dan gemeten aan de hand van statistieken in dollars of euro en vergeleken met economische groei of met bevolkingsgroei en dan vergeleken met het verleden....Hier gaat het al mis van bij de start. Ter verduidelijking: theoretische economie valt onder de noemer menswetenschappen. Belangrijk hierbij is dat menswetenschappen geen wiskundige wetenschappen zijn, tegenstribbelingen van professoren ten spijte. Om zich als een wetenschap te kunnen laten gelden, moet de gebruikte onderzoeksmethode aan een reeks vereisten voldoen. Hierbij gaat het vooral om methoden die in de fysische wetenschappen gelden, zoals definiëerbaarheid, kwantificeerbaarheid, reproduceerbaarheid, gecontroleerde omstandigheden, voorspelbaarheid en testbaarheid of falsifiëerbaarheid. Volgens deze criteria kan bijvoorbeeld klimatologie geen wetenschappelijk veld genoemd worden, omdat gecontroleerde omstandigheden duidelijk niet kunnen. Bio-evolutie valt ook buiten de toekenningsvoorwaarden. Chemie en fysica voldoen meestal wel aan alle gestelde voorwaarden.

Het success van empirische wetenschappen zoals natuurkunde sloeg al vroeg over op de sociale en humane wetenschappen met A. Comté, E. Durkheim en anderen voor hen, zoals J. Bentham en J.S. Mill. Om een lang verhaal kort te maken: volgens deze geleerden, die zich op de beroemde Hume beriepen, kon geldige kennis alléén verkregen worden door toepassing van de wetenschappelijke methode uit de empirische wetenschappen. Andere ontastbare zaken beschouwden ze als ideëengoed dat verwezen werd naar de metafysica of de godsdienst. Om theoretische economie een sociaal aanvaardbare wetenschap te maken, moest ze zich dus in een kleed van wetenschappelijkheid hullen. En zo geschiedde. Vandaar dat economie draait rond wiskunde en statistiek. Maar er is een probleem.

De aanname dat wetenschappelijke kennis enkel en alleen te verwerven valt door een strikte toepassing van deze methode is problematisch. Om aan te tonen dat geldige kennis ook buiten empirisch vastgestelde feiten kan liggen, is eenvoudig. Neem eens de volgende stellingen in overweging:

1. Het beginsel van de verwerping van niet-bestaande objecten: Voor alle objecten x geldt dat, als x eigenschappen heeft, dan moet x noodzakelijkerwijs bestaan.

2. Het beginsel van de verwerping van objecten zonder eigenschap: Voor alle objecten x geldt dat, als x bestaat, dan moet het noodzakelijkerwijs eigenschappen hebben.

Beide stellingen kunnen we niet empirisch bewijzen en zijn bijgevolg metafysische stellingen. Kennis over de structuren van alle mogelijke sferen van bestaan kunnen we hieruit afleiden, en bijgevolg ook kennis uit de sfeer van de realiteit. Deze stellingen behoren ook niet tot de sfeer van de logica omdat hun ontkenning geen logische contradictie inhoudt. Daarom zijn dit geldige ontologische waarheden. Nu we hebben vasstgesteld dat er ook waarheden bestaan buiten empirisch vaststelbare zaken, lijkt het duidelijk dat wetenschap die zich uitsluitend baseert op tastbare empirische feiten, zichzelf te kort doet.

Volgens bio-evolutionisten zijn we allemaal dieren en stammen we af van een soort apen. Wij reageren op elementaire impulsen die aangenaam of onaangenaam zijn met aangepast gedrag met weinig ruimte voor vrije wil, vanwege genetische programmatie. Ons lichaam zou sterk op een elektro-mechanische robot lijken. Best mogelijk, maar de mens is méér dan alléén een mechanische robot die reageert op impulsen en die meningen kan hebben. Elk dier reageert op impulsen en kan zelfs beslissingen nemen, bijvoorbeeld welke prooi te vangen. En robotten die meningen uiten gaan tegenwoordig onder de noemer ''spambots''.

Communicatie zoals die van bijen of van vaten is iets anders dan menselijk overleg tussen en met elkaar. Menswetenschappen zijn wetenschappen over het menselijk vrijwillig handelen en menselijk overleg. Theoretische economie (maar ook andere zoals bijvoorbeeld culturele antropologie of ook rechtswetenschap) is een menswetenschap. Dat is niet hetzelfde als een gedragswetenschap.

Wie de definitie van wat voor ''wetenschap'' moet doorgaan laat afhangen van wat de onderzoeksmethode in de fysica voorschrijft, miskent dat er buiten waarneembare tastbare waarheden nog andere waarheden zouden bestaan. Dit wetenschappelijk positivisme kan bijvoorbeeld geen uitspraak doen over het volgende:

-dat de straf moet overeenkomen met de wandaad of misdaad;
-dat het martelen van kinderen voor het plezier een laakbare daad is;
-dat een propositie en zijn ontkenning niet tegelijk waar kunnen zijn;
-dat wat voordien geweest is, op een gegeven ogenblik het heden was,…

De empirische wetenschapper kan geen uitspraak doen omdat in de positivistische wereld bovenstaande oordelen geen cognitieve betekenis hebben. In die wereld bestaat er niets wat "beter" is als iets anders. Nochtans is elke uitspraak hierboven waar voor elke mens, zelfs al bevindt die zich in een andere cultuur of aan de andere kant van de aardbol. Dit blijven waarheden onafhankelijk van plaats, tijd of cultuur. Wie ze miskent, beperkt nodeloos zijn kennisgebied. Verarming in de wetenschap zit in een klein hoekje. Wie deze oordelen naast zich neerlegt raakt ook verstrikt in een spiritueel nihilisme. 

De positivistische wetenschap kan niet anders dan het bovenstaande verwijzen naar het gebied van de religie of metafysica. Waarom niet gewoon naar de menswetenschappen? Omdat in de menswetenschappen dezelfde methodologie wordt gebruikt. Feiten scheiden van subjectieve waarden is de methode om tot ware kennis te komen. Alhoewel dit goed klinkt is het niet meer dan een slogan, ingegeven door een onaangepaste methode. De methode domineert bijgevolg het onderzoeksveld, daar waar het onderzoeksveld een aangepaste methode zou dicteren -- een omgekeerde wereld. Er is kennis en dan is er ook wetenschap...

Armer over de hele lijn

De eeuw van de verlichting bracht revoluties: vooral in technologie maar ook een daadwerkelijke omwenteling en zelfs omkering van alle culturele waarden: hoekstenen van de samenleving moesten het ontgelden, zoals de kerk, het gezin, eigendom, handel en ook geld.1 Tot voor de revoluties van de eeuw van de verlichting heerste de filosofie van de rede. Religieuse en seculiere misbruiken veroorzaakten dezelfde revoluties die het kind met het badwater hebben weggegooid. In de plaats van de filosofie van de rede kwam -ironisch- een ideologie van de macht. Dezelfde macht waarvan de glorieuze revolutie af wilde. Was het trouwens Nietzsche die de ''moord op God'' bekend heeft en die vanaf dat ogenblik een vacature op Hoog Niveau achterliet ?

De revolutionaire ondermijning van de hoekstenen van de samenleving, met een helpende hand van het positivisme in de harde wetenschappen die zijn methodiek oplegde aan andere wetenschappen enerzijds en de politieke en culturele revoluties anderzijds, luidde het einde in van het klassieke waardenstelsel dat gefundeerd was (en nog steeds is) in de realiteit van het mens-zijn. Zij leidde ook snel tot de vervanging van de klassieke waarden door een programma van sociale hervorming dat zijn inspiratie ontleende aan een verscheidenheid van utopische maatschappij-visies.2 Dat programma erkende slechts twee “waarden”:

-vooruitgang op alle gebieden en
-gelijkheid op alle gebieden.

De concrete specificatie van deze laatsten was en is een kwestie van politieke correctheid en (subjectieve) haalbaarheid. Met onderdrukkers, zoals aristocratie en clerus uit de weg geruimd, nam een andere religie de plaats in: de religie van de Staat. Welvaartstaat en verzorgingsstaat klinken weliswaar goed, maar er is -alweer- een probleem. Onoverkomelijk deze keer, vrees ik.

Om de gelijkheid van iedereen te bevorderen, moest er een nieuwe Scheidsrechter boven iedereen komen. Alleen met voldoende macht kan de nieuwe scheidsrechter (voordien Vorst, Paus of Keizer genoemd, nu hernoemd naar Staat) als nieuwe Plaatsvervangde Almachtige zijn functie uitoefenen. De vacature op hoog niveau kon niet langer openblijven. Alle politieke beloften moesten nu waar gemaakt worden. Om gelijkheid te realiseren moest de gelijkheid tussen de mensen en de Staat het helaas ontzien. Partijen die graag staan op de gelijkheid van en tussen mensen, vergeten dat anderen die wat méér gelijk zijn nu de plak zwaaien over iedereen, onder de vorm van een nieuwe plaatsvervangende en abstracte eenheid, de Staat genoemd, maar ook al haar geledingen zoals ambtenaren, commissies, agentschappen, en ik vergeet er nog veel meer.

En om vooruitgang te boeken, was het zaak om de notie van schaarsheid van middelen te verbannen, of minstens niet toe te geven. Schaarsheid heet nu eufemistisch ''herverdeling'' en vertaalt zich in verrijking voor de ene en verarming voor de andere. Helaas. Het verhaal van de herverdeling, al dan niet onder dwang, al dan niet onder de vorm van revolutie, oorlog, ''gerechtvaardigde belasting'', of de slogans van weleer ''laat de rijken de crisis betalen'' is een verhaal met een lange geschiedenis. Waar ook maar geen einde aan komt.  De ''onrechtmatig'' verworven welstand van de oude aristocratie en clerus was verbeurd verklaard en iedereen was nu rijk. Of ten minste de Staat was rijk, want die zou eerlijk herverdelen. En geld was er in overvloed. Vandaar dat de Staat in zijn almacht het zelf in copieuse hoeveelheden aanmaakt. Niemand hoeft nog arm te zijn. Vraag vooral niet wat er met de revolutionaire assignats gebeurd is. De realiteit heeft zin voor humor.

Vandaag is de Nationale Bank een filiaal van de Europese Centrale Bank. De oude barbaarse relikwieën en instituten werden bedankt voor bewezen diensten. Met de vooruitgang hoefde het allemaal niet meer. Financiële macht, voordien verdeeld over de gehele bevolking, is nu geconcentreerd in één bank. En... nee maar: de assignat is terug ! Weliswaar onder een andere naam... Dit maal onder ''wetenschappelijke'' begeleiding. Zowaar ! Interestvoeten, vroeger door een gigantische markt bepaald, worden vanaf nu ''wetenschappelijk verantwoord'' gemanaged door de ''economische wetenschappers'' van die Andere Onfeilbare: ''de Bank''.  Idiotie vermommen als vooruitgang heeft zo zijn gevolgen.

Op de begrafenis is het feest. "Let the good times roll !"  Of niet ?

In een goedbedoelde revolutie schuilde méér dan één addertje onder het gras. Compexiteit kenmerkt zich door ''emerging behaviour'', een moeilijk woord ''onverwachte verrassingen''.  De revolutie, zoals met zoveel dingen, werd gekaapt door extreme hoogmoed. In plaats van de de maatschappij te vermenselijken, bereikte de ''glorieuze revolutie'' het omgekeerde: de vermaatschappelijking van de mens.long march Immers, wie niet met de revolutie is, is er tegen, zo luidt de slogan. Robbespierre, aanvoerder van het Franse Directoire tijdens de revolutie, wist daar raad mee, totdat hij zelf... Vandaag hebben we geen dictator, maar een democratie. Iets minder gevaarlijk, maar net zo ingrijpend. Wie niet mee wil, wordt wel...(her) opgevoed. Of veroordeeld. De modus operandi bij heropvoeding is eigenlijk dezelfde als de vermaatschappelijking van de mens, in tegenstelling tot de vermenselijking van de maatschappij. Dissidente opinie kan rekenen op misprijzende afkeuring, zonder aangevoerde argumenten of rede, waarbij de ''maatschappelijk verantwoorde visie'' steevast alle andere visies met een argumentum ad baculum neerhaalt. Eigenaardig, want dezelfde gedachtenpolitie beroept zich op ''subjectieve waarde oordelen'' zodra dezelfde argumentatie tegen hen wordt ingezet.

-Sommigen zullen mij mogelijk na dit artikel verketteren als een ''paranoide'', anderen als een ''pseudo'' of een conspirationalist, nog anderen als uiterst rechts of uiterst links, een revolutionair, reactionair, anarchist, nihilist, fascist, katholiek, liberaal, atheist, libertijn, libertariër, vegetariër.... enz... De gekende tactiek van stemmingmakerij oftewel ''socialiseren van de mens'' van al wie ook maar dissident durft te denken. Doordacht en beredeneert denken (επιστημη) is uiteraard energie intensiever dan verdachtmakingen (δοχα). QED-

De plaatsvervangende filosofie van het debat en de rede, reeds voor de ''glorieuze revolutie'' verdreven door de hoogmoed van vermeende hogere of betere klassen, maakte plaats voor de religie van... nog meer hoogmoed in de vorm van de Staat. Verarming op het financiële vlak is geen Einzelgänger. Ze kwam aangewandeld met de hoogmoed op het spirituele en intellectuele vlak. De ons bij de revolutie beloofde vrijheid is verdampt en overgedragen aan een Hobbesiaanse staat. Of afgepakt. Het is maar zoals je het uitlegt.

Vandaag is de "wetenschap" de alwetende en almachtige religie, terwijl zij in werkelijkheid zwaar gehandicapt en geblindoekt is voor de realiteit van andere waarheden dan empirische. Economische theorie is een uitlaatklep voor statistici en andere kundigen, maar niet voor menswetenschappers. De Grote Economisten van na de ''glorieuze revolutie'' worden dan ook bedankt voor hun diepzinnige bijdragen met nobele prijzen, voor bewezen diensten. Niet de gewone mensen reiken die prijzen uit. Daarvoor lachen ze te hard, maar nooit luidop, beducht voor de gedachtenpolitie. Trouwens, ze moeten te hard werken. Met twee zelfs, onder bedreiging van verlies van wat moet doorgaan voor hun pensioen. U en ik worden met gevangenis bedreigd voor alles wat op een piramidespel gelijkt. Als de staat dat pensioen wil noemen mag je daar vooral niet mee lachen. Verboten....Dat was vroeger anders. Verarming, weet u wel.

Verdienstelijke intellectuelen mogen anders wel een aanspraak laten gelden op een Prestigieuze Prijs van een Bank. Niet dat de Bank beslist welk soort intellectuelen die prijs, of een leerstoel, of onderzoekstoelagen of beurzen kunnen krijgen. Ja, ja... We zijn met z''n allen overtuigd hoe compleet onmisbaar banken zijn. Vraag vooral niets over hoe de mensheid al duizenden jaren zonder banken heeft geleefd... Moderne banken worden uiteraard ''wetenschappelijk'' bestuurd, zal men u vertellen. Daar weet de Bankencommissie alles van. Of toch bijna. En ze zijn het distributiekanaal van ... jawel...geld, wat hen gelijk een bevoorrechte partner van de fabrikant maakt. Verdient alle bescherming, uiteraard. Ook tegen de realiteit die andere plannen heeft.

De Staat is de nieuwe Almachtige. Alleen de Staat heeft de macht om daadwerkelijk zijn recht op alles, ook op het leven van mensen, uit te oefenen. Alleen zij kan zonder instemming van hogerhand het respect voor de aloude natuurlijke rechten van mensen negeren. De NSA in de Verenigde Staten -maar ook haar Europese tegenhanger IntCen- weet daar uiteraard alles van. In hun hoedanigheid als staatsburgers zijn mensen dan ook niet gehouden tot respect voor zichzelf en elkaar, enkel tot respect voor de overheid en de wetten die zij oplegt.

Abstracte ''staatsburgers'' mogen naar hartenlust “goede doelen” bedenken en manieren voorstellen om hun medemensen “voor het goede doel” te bezwaren met herverdeling of verplichte solidariteit. Zolang de goede staatsburger maar beseft wat zijn rol is.
Die van mens is hij kwijt en die van abstracte burger kreeg hij in de plaats. De nummers die u van de wieg tot de kist toebedeeld krijgt, laten al zoiets vermoeden. Vrijwillige menselijke solidariteit in de vorm van een mutualiteit is eeuwenoud, maar een verplichte sociale verzekering is immers meer ''wetenschappelijk'' of was het nu ''economisch'' verantwoord? De staatsburger moet er zich ook bij neerleggen dat alleen een overheid het recht heeft die herverdelingsschema’s effectief te verwerkelijken. Daar weet men bij honderden Vlaamse Agentschappen en de Federale Economische, Sociale en Fiscale Inspecties alles van. En ook bij FOD Financiën zal men u alvast op hartelijk gelach onthalen wanneer u aanvoert dat uw geld ook werkelijk uw geld is. Verarming, zelfs al heb je je eigen geld of zelfs géén geld, daar weten ze dan in Cyprus, Griekenland, Spanje, Portugal of Ierland alles van. Niet dat wij daar iets zouden van weten. Zoiets gebeurt alleen bij anderen. Wij doen slechts onze burgerplicht.

Passief burgerschap vereist niet meer dan gehoorzaamheid en onderdanigheid. Daar weet men bij de Openbare Ministeries, parketten en Arbeidsauditoraten alles van. Maar de politiek actieve burger, die zijn “maatschappelijke verantwoordelijkheid” ernstig neemt, is nu wel een eigengereide wereldverbeteraar op zoek naar overheidsmacht, subsidies of een bevoorrecht statuut geworden. Hij of zij is niet méér geworden dan wat de revolutie wou wegmaken. Très drôle ! Daar mag je niet mee lachen. Verboten !

Wanneer de Staat uiteindelijk net iets minder dan almachtig blijkt, dan komt dat doordat ze te weinig passieve en te veel actieve burgers kent. Om goed te kunnen functioneren, moet ze veel passieve burgers hebben en autoritair genoeg zijn om de actieve burgers in toom te houden. Immers, als er te veel actieve burgers zijn, dan heeft hun accommodatie binnen de landsgrenzen repercuties die zich vertalen in voortdurend stijgende belastingen, onafbetaalbare overheidsschulden en onoverzichtelijke en zelfs tegenstrijdige wetgevingen. De actieve burger kan een mate van bevrediging verwachten, maar de passieve burger (lees: de gewone mensen) alleen frustratie en verarming. Hij of zij kan immers zijn overheid  de actieve burgerplannen niet meer bekostigen. Het maakt dan ook geen verschil welk politiek etiket het circus nog opgeplakt krijgt.

Het morrelende gepeupel zoals de gewone mensen genoemd werden voor de ''glorieuze revolutie'', morrelt na de revolutie alweer -en terecht. De Staat grijpt al hoe meer naar een klassiek middel van voor de revolutie: repressie. Want de nieuwe Almachtige voelt een aanslag op haar leven aankomen. De witte woede was daar het eerste teken van. Maar niet het laatste.

We zijn armer geworden. Financiëel, dat staat vast, met of zonder Piketty, Crombez of Marx. We zijn ook spiritueel armer geworden. Vraag maar aan Nietzsche. We zijn ook intellectueel armer. Nietwaar Mr. Desmet? Paul de Grauwe? Paul D''Hoore? Iemand thuis?

P. Van Coppenolle


1 Onder andere de industrialisatie van West Europa, doorbraken in geneeskunde en medicijn-technologie etc.

Cultuur: Bijvoorbeeld kon men vroeger spreken van Sinterklaas en zwarte Piet. Nu is zwarte Piet politiek niet correct. Er is soms sprake van cultuur-marxisme dat nu de politieke omwenteling mislukt is, zijn omwenteling tracht verder te zetten door zich op de omverwerping van bestaande cultuur te focussen en ze te vervangen met nieuwe culturele focussen.

Kerk: Met de Franse revolutie is de adeldom en de clerus afgeschaft onder de slogan égalité. De kerkgoederen werden genationaliseerd. Maar voordien vonden er al godsdienstoorlogen plaats zoals de Reformatie en de Contra-Reformatie.

Het gezin is in de nieuwe orde geen hoeksteen meer. De typische rollen verdwijnen, het aantal kinderen vermindert, samenwonen vervangt het huwelijk, echtscheidingen nemen toe, etc.

Eigendom als instituut krijgt het zwaar te verduren. Wie vandaag eigenaar is, kan rekenen op een aantasting van eigendomsrechten door allerlei beperkingen vanuit de politieke wetgeving. Ook cultureel worden eigenaars geklasseerd in de groep van uitbuiters. Het bezit van eigendom wordt ter discussie gesteld, zoals alle hoekstenen van een duizenden jaar oude traditie. Zou die zomaar ''uitgevonden'' zijn dan?

Handelaars worden vooral beschouwd als sociale pariahs die winst nastreven en afgeschilderd worden als Shakespeare''s beruchte Shylock. Daar komt bovenop het verhaal van de onrechtvaardigheid van het belastingsysteem waarbij handelaars vaak afgeschilderd worden als fraudeurs en bij implicatie schuldig aan de zware schuldenlast van anderen. De redenering gaat uit van de fraude van anderen, waardoor de Staat inkomsten misloopt en niet-fraudeur opdraait voor het tekort. 

Geld is altijd al een contentieux geweest. Daarover gingen de meeste oorlogen. Maar het instituut "geld" is vervangen door een centraal orgaan en daarmee werd macht gecentraliseerd. Het instituut "geld" is ook zo oud als de straat en tot stand gekomen door spontane menselijke wereldwijde coordinatie. Geen contract, geen overeenkomst is ook getekend om x of y als geld te beschouwen. Gouden en zilveren munten circuleerden spontaan en deden dienst als rekeneenheid (per gewicht ) en als waarde-eenheid. Gouden en zilveren munten zijn nog nooit door iemand verworpen ter delging van schuld. De geografische verspreiding en de decentrale macht over interestvoeten is een ander verhaal. De gouden en zilveren munten circuleerden wereldwijd, hun bijdrage tot de welvaart is onmetelijk. Uiteraard is macht een motief voor de omverwerping van een gedecentraliseerd instituut, vroeger de Latijnse monetaire unie genaamd.

2 Sofchozen, Kolchozen, collectiviteiten allerhande maar ook grotere gehelen zoals de welvaartsstaat en verzorgingsstaat.


Referenties

P. Van Coppenolle, Methodology, New Austrian School of Economics

Frank Van Dun, UGent, Prijs van de Vrijheid 2013, lezing.


 

Peter Van Coppenolle

Lode Zielens schreef in 1932 het prijswinnend boek "Moeder, waarom leven wij?" De inspiratie voor de titel van dit stukje komt duidelijk van hem. Zielens groeide op in een arme buurt en overleefde de crisisjaren van het interbellum, totdat een V2 bom hem uiteindelijk op jonge leeftijd fataal werd. Hij kreeg een literatuurprijs voor zijn weergave van de harde werkelijkheid van armoed.

Elke rechtgeaarde student in (toegepaste) economische wetenschappen weet dat de hoogste concentratie van rijkdom (in een financiële zin dan) zich nochtans zou bevinden in de driehoek tussen Londen-Parijs-Amsterdam. En wij hebben een stapel redenen om tevreden te zijn in Vlaanderen. Dat mag ook even gezegd. Mensen die klagen over het gebrek aan keuze tussen 400 soorten kaas kunnen wellicht op ieders gestel werken.

Helaas verarmen we wel degelijk. In financiële zin en wellicht ook in een andere zin, maar daarover kunnen andere en geschiktere mensen zich uitspreken. De financiële verarming is zichtbaar, en toegegeven, niet alleen in Vlaanderen, maar wereldwijd. Waarom duiken er overal rapporten op over de kloof tussen rijk en arm ? Overheden wereldwijd proberen de kloof naar eigen zeggen dicht te rijden. Vele organisaties zetten zich in en vinden wellicht dat het ''dwijlen is met de kraan open". In wat volgt geef ik aan wat de directe oorzaken hiervan zijn op een mathematische basis. Andere oorzaken van verarming sluit ik niet uit. In wat volgt zal ik met eenvoudige logica en verstaanbare wiskunde duidelijk maken wat ik bedoel, zodat iedereen - en niet alleen specialisten- kunnen volgen. Bijgevolg is mijn uiteenzetting wellicht wat kort door de bocht voor de wetenschapper, maar hopelijk niet slaapverwekkend of irritant voor de gewone mens.

Wat is er fout?

Beeldt u even in dat u een landbouwer bent en dat u aan een nieuwe tractor toe bent. De tractor die u wil gaat per definitie 5 jaar mee, zo is hij ontworpen. Elk jaar bewerkt u uw land en elk jaar geeft uw tractor u dus een opbrengst van pakweg 2.500. De tractor brengt dus in totaal over 5 jaar 12.500 op. Als de tractor bij aanschaf 10.000 kost, dan heeft u de tractor in het vierde jaar terugverdiend. In het vijfde jaar houdt u wat extra over en heeft u een opbrengst op uw geinvesteerde middelen van 7,93%. (1)

Uw buurman is ook landbouwer en heeft ook dezelfde tractor gekocht. Maar toch is er een groot verschil. Zijn kosten werden verminderd door een rentevoet verlaging van de Centrale Bank. Met dezelfde tractor en hetzelfde land en met dezelfde oogst opbrengst heeft hij minder kosten. De tractor gaat nog steeds evenlang mee: 5 jaar en het land brengt niet meer op dan vroeger. Maar door de lagere financieringskost heeft hij een grotere marge. Het resultaat is echter niet dat de buurman rijker wordt. Hij verkoopt zijn opbrengst tegen dezelfde prijzen als u. In vergelijking met uw buurman bent u in een nadeel gebracht door de ingreep van een renteverlaging waarop u geen greep heeft. Uw buurman heeft echter geen reden om te lachen. Hij heeft ook een andere buurman en de Centrale Bank kondigde zonet nog een renteverlaging aan...

Het punt van het verhaal is dat niemand beter wordt van aanhoudende renteverlagingen. De middelen die mensen geïnvesteerd hebben, worden meedogenloos gemarginaliseerd en langzaam buiten werking gesteld. De eersten zijn tegen een te hoge kostprijs gefinancieerd vergeleken met de laatsten. Iedere investeerder ziet op zijn beurt lijdzaam toe hoe zijn geïnvesteerde middelen minder concurrerend worden gemaakt dan wat ze hadden kunnen zijn.

Hetzelfde geld voor werkgevers:

Op een geïnvesteerd kapitaal van 1.000.000 verdient men jaarlijks 50.000 ofwel 5%. Bij een aangekondigde rentedaling naar 2,5% is de opbrengst van 1.000.000 middelen nog 25.000. Ofwel verliest er iemand zijn baan, ofwel verdienen alle partijen minder (niet alleen de werknemers.)

Vaak werpt men tegen deze berekening allerlei bezwaren op. Soms denken mensen dat de eerste landbouwer overleeft, de tweede goed leeft en de derde rijk wordt. Dat is een fantasie en geen werkelijkheid. Wat er tussen fantasie en werkelijkheid komt te staan is het proces van prijsvorming. De prijs van een product of dienst wordt in werkelijkheid bepaald door de concurrentie (van de consumenten) en niet door de fabrikant.... De producent die minder kosten heeft kan aan een lagere prijs verkopen. (Ik maak abstractie van monopolies of kartels). De werkelijkheid is dat de derde landbouwer nog overleeft, de tweede landbouwer in moeilijkheden is en de eerste allang opgehouden heeft, hetzij vrijwillig, hetzij anderszinds. Alhoewel hun kosten niet onmiddellijk hoger werden, zijn hun marges wel degelijk uitgehold door de aanhoudende renteverlagingen.

De conclusie is dat men niet met wiskunde -en nog minder met de werkelijkheid- kan worstelen zonder te verliezen. Ook met de centrale bank kan men niet worstelen zonder te verliezen. Wie niet akkoord is met deze analyse, moet de volgende vraag beantwoorden: hoe is het mogelijk dat wij verarmen, terwijl er toch zoveel ''geld'' wordt gecreëerd ? De traditionele economische wetenschap biedt hier geen uitkomst omdat in hun ogen prijsvorming een functie is van het welgekende, maar nogal simplistische ''vraag en aanbod'' verhaal. Vreemd hoe sommige verhalen een leven van hun eigen beginnen leiden. Een ideologie noemt dat dan. De traditionele economische wetenschap zit er vol van.

Een 35 jaar durende strijd (sinds 1980) met een dalende rente heeft - zonder dat de traditionele economische wetenschap dit erkent- geleid tot wat we allemaal kennen: bedrijven die vertrekken of sluiten. Leegstand en verlaten winkels in steden en winkelstraten. Bedrijven verhuizen naar Oost Europa of verder. Record aantal faillissementen en mensen die hun werk verliezen. Voor hen die nog rechtstaan en werken, valt een steeds groter wordende last te beurt, ze moeten immers een groeiende niet-werkende bevolking ondersteunen. En de werkzoekenden - die hebben er in de meeste gevallen geen schuld aan. Verarming en een hoop mensen die zich afvragen wat er toch gebeurd is. En om dit alles te bestrijden: nog een renteverlaging?

Lode Zielens die keek ernaar en zuchtte: "Moeder, waarom werken wij?"


(1) Actuariële (niet lineaire) NPV berekening over de levensduur van de tractor.
Tel hierbij het probleem van dalende koopkracht van en met de rekeneenheid die ook de geldeenheid is en de berekening wordt op zijn zachst gezegd verwarrend (eigenlijk zinloos vanwege de onstabiele (ongedefiniëerde) eenheden.) Het vervolg van dit artikel leest u kroniek van een aangekondigde revolutie

2 Item(s)

Set Descending Direction